Onroerende-zaakbelastingen

De onroerende-zaakbelastingen (OZB) worden geheven van de eigenaar van een woning en van de eigenaar en de gebruiker/huurder van panden die niet als woning gebruikt worden. 

Voorbeelden van onroerende zaken

  • woningen
  • winkels
  • kantoren
  • garageboxen

Huurders/gebruikers van woningen betalen geen OZB

Huurders/gebruikers van woningen betalen geen OZB. Voor panden die niet als woning gebruikt worden (zoals kantoren) betaalt de huurder/gebruiker wel OZB.

Hoogte van de OZB

De gemeente bepaalt de hoogte van de OZB naar de situatie op 1 januari. Dit doet zij aan de hand van de WOZ-waarde van uw pand en de vastgestelde tarieven. 

Tarieven 2021

De tarieven voor de OZB zijn vastgesteld als een percentage van de vastgestelde waarde. Er zijn verschillende tarieven en deze zijn als volgt vastgesteld:

  • eigenaren woningen, 0,074%
  • eigenaren niet-woningen, 0,360%
  • gebruikers niet-woningen, 0,104%

Rekenvoorbeeld:

Voor een woning met een getaxeerde waarde van € 252.000 betaalt de eigenaar: 0,074% van € 252.000 = € 186,48.


Waarom wordt bij de niet-woningen de gebruikersbelasting verlegd naar de eigenarenbelasting?
In veel winkelstraten in steden in Nederland zien we de tendens van winkelleegstand. Voor een deel dreigt dit ook een structureel karakter te krijgen. In de huidige systematiek van de OZB worden niet-woningen die leeg staan minder belast. Alleen het eigenaarsdeel wordt geheven, het gebruikersdeel niet. Met leegstand is een bedrag van € 600.000 aan OZB-opbrengsten gemoeid. Dit werd de afgelope4n jaren omgeslagen over alle gebruikers. Alkmaar wil leegstand ontmoedigen en juist een nieuwe invulling van de locatie stimuleren. De gemeenteraad heeft op 17 december 2020 besloten om het tarief voor de gebruikers van niet-woningen in twee jaar terug te brengen naar 0%. Dit houdt in dat het tarief voor de gebruikersbelasting niet-woningen dan op 0% zal worden gezet. Dit is een stimulans voor vastgoedeigenaren voor snellere invulling bij leegstand en beēindigt dat gebruikers extra OZB moeten betalen voor leegstand van andere panden.

Belastingplicht bij verkoop of overlijden

Bepalend voor de belastingplicht voor de OZB is de situatie op 1 januari  2021. Een verkoop in de loop van 2021 leidt daarom niet tot een (gedeeltelijke) vermindering van de aanslag. Bij verkoop wordt door de notaris een evenredig gedeelte van het aanslagbedrag OZB-eigenaren met de koper verrekend. Dit is te controleren op de afrekening van de notaris. Koopt u in de loop van 2021 binnen de gemeente een pand dan ontvangt u geen (gedeeltelijke) aanslag. Ook een overlijden op of na 1 januari 2021 leidt niet tot een vermindering.

Bezwaar

Bent u het niet eens met de aanslag? Dan kunt u hiertegen bezwaar maken.

Veelgestelde vragen

Ja, voor de aanslag onroerende-zaakbelastingen kan kwijtschelding worden aangevraagd.

Als u op 1 januari van het belastingjaar niet de gebruiker was kunt u binnen 6 weken na de dagtekening van het aanslagbiljet digitaal bezwaar indienen of door het bij de aanslag meegestuurde reactieformulier in te vullen en na ondertekening terug te sturen.

Het reactieformulier (inclusief bewijsstukken) moet u nadat u het ingevuld en ondertekend hebt, binnen zes weken na de dagtekening van het aanslagbiljet sturen naar de:

  • Inspecteur Belastingen
  • Postbus 16
  • 1960 AA Heemskerk.

Dit adres staat ook op het reactieformulier vermeld. U krijgt zo spoedig mogelijk een bevestiging van ontvangst.

Als u op 1 januari van het belastingjaar niet de eigenaar was kunt u binnen 6 weken na de dagtekening van het aanslagbiljet digitaal bezwaar indienen of door het bij de aanslag meegestuurde reactieformulier in te vullen en na ondertekening terug te sturen.

Het reactieformulier (inclusief bewijsstukken) moet u nadat u het ingevuld en ondertekend hebt, binnen zes weken na de dagtekening van het aanslagbiljet sturen naar de:

  • Inspecteur Belastingen
  • Postbus 16
  • 1960 AA Heemskerk.

Dit adres staat ook op het reactieformulier vermeld. U krijgt zo spoedig mogelijk een bevestiging van ontvangst.

Bij de tenaamstelling van de aanslag wordt gebruikgemaakt van de gegevens zoals die in de Basisregistratie Personen staan opgenomen. Als u dit wilt wijzigen dan kunt u dit melden bij de gemeente. Belastingen krijgt deze wijziging daarna automatisch doorgegeven en volgende aanslagen zullen op uw meisjesnaam gezet worden. Voor deze aanslag kan dit niet meer gewijzigd worden.

Als de persoon op wiens naam de aanslag voor de eigenarenbelasting staat is overleden dan wordt deze aanslag op naam gezet van ˜de erven van ...." . Deze tenaamstelling staat ook opgenomen in het kadaster. Als u dit wilt laten aanpassen, dan kunt u dit regelen via uw notaris; de gemeente krijgt de wijziging daarna automatisch door. Een volgende aanslag staat dan op de gewijzigde naam. Voor de nu door u ontvangen aanslag kan dit niet meer gewijzigd worden.

De gemeente is verplicht om de waarde vast te stellen van nog niet voltooide nieuwbouw. Bij de heffing van de OZB wordt deze waarde gebruikt als de heffingsgrondslag voor de OZB. Het jaar nadat uw nieuwbouw klaar is ontvangt u een nieuwe WOZ-beschikking over de volledige waarde van uw woning.

Als u in de loop van 2021 verhuist en/of uw woning verkoopt, zal dit voor de aanslag OZB geen gevolgen hebben. Als gebruiker van de woning heeft u geen aanslag OZB ontvangen. Bent u de eigenaar, dan heeft u wel een aanslag voor de eigenarenbelasting ontvangen. Verkoop in de loop van het jaar kan niet tot een vermindering van de aanslag leiden, omdat voor de OZB de situatie op 1 januari van het belastingjaar bepalend is (peildatum heffing).

Bij verkoop wordt door de notaris een evenredig gedeelte van het aanslagbedrag OZB-eigenaren met de koper verrekend. Dit is te controleren op de afrekening van de notaris.

De tarieven voor de OZB zijn vastgesteld als een percentage van de heffingsmaatstaf i.c. van de vastgestelde waarde. Voor het belastingjaar 2021 zijn deze als volgt vastgesteld:

  • eigenaren woningen, 0,074%
  • eigenaren niet-woningen, 0,360%
  • gebruikers niet-woningen, 0,104%

Rekenvoorbeeld:

Voor een woning met een getaxeerde waarde van € 252.000 betaalt de eigenaar: 0,074% van € 252.000 = € 186,48.


Waarom wordt bij de niet-woningen de gebruikersbelasting verlegd naar de eigenarenbelasting?
In veel winkelstraten in steden in Nederland zien we de tendens van winkelleegstand. Voor een deel dreigt dit ook een structureel karakter te krijgen. In de huidige systematiek van de OZB worden niet-woningen die leeg staan minder belast. Alleen het eigenaarsdeel wordt geheven, het gebruikersdeel niet. Met leegstand is een bedrag van € 600.000 aan OZB-opbrengsten gemoeid. Dit werd de afgelope4n jaren omgeslagen over alle gebruikers. Alkmaar wil leegstand ontmoedigen en juist een nieuwe invulling van de locatie stimuleren. De gemeenteraad heeft op 17 december 2020 besloten om het tarief voor de gebruikers van niet-woningen in twee jaar terug te brengen naar 0%. Dit houdt in dat het tarief voor de gebruikersbelasting niet-woningen dan op 0% zal worden gezet. Dit is een stimulans voor vastgoedeigenaren voor snellere invulling bij leegstand en beēindigt dat gebruikers extra OZB moeten betalen voor leegstand van andere panden.

De tarieven worden vastgesteld door de gemeenteraad en opgenomen in een gemeentelijke belastingverordening. Het uitgangspunt voor de vaststelling van de tarieven is de opbrengst die de gemeente in dat belastingjaar met de OZB wil behalen.

De opbrengsten van de OZB zijn voor een gemeente zogenaamde ‘algemene middelen’. Dat betekent dat de gemeente de opbrengst van de OZB voor verschillende doeleinden kan gebruiken, zoals het op peil houden of verbeteren van gemeentelijke voorzieningen. Het is niet mogelijk om bezwaar te maken tegen de hoogte van de vastgestelde tarieven omdat het vaststellen van de tarieven een bevoegdheid van de gemeenteraad is.

Onroerende zaken zijn gebouwen en (bouw)werken die duurzaam met de grond zijn verenigd.

Voorbeelden zijn:

  • Woningen
  • Winkels
  • Kantoorpanden
  • Garageboxen

Met ‘duurzaam’ wordt een hechte verbinding bedoeld, bijvoorbeeld een schuurtje met een degelijke fundering. Het wordt ook uitgelegd als ‘duurzaam’ in de zin van tijd. Een niet gefundeerd zomerhuisje dat aangesloten is op alle nutsvoorzieningen en gedurende een langere periode op dezelfde plaats blijft, is ook onroerend volgens de rechter.

Dit is een belasting voor een eigenaar en voor een gebruiker (huurder) van een onroerende zaak. De grondslag voor de belasting is de waarde van die onroerende zaak. Bepalend voor de belastingplicht is de situatie op 1 januari van het belastingjaar.

Voorbeelden van onroerende zaken zijn:

  • Woningen
  • Winkels
  • Kantoorpanden
  • Garageboxen

Huurders

Huurders van woningen betalen geen OZB. Voor panden die niet als woning gebruikt worden (zoals bedrijfspanden) betaalt u als huurder wel OZB.

Drie soorten

De onroerendezaak-belastingen (OZB) bestaat uit een 3 soorten belastingen:

  • Eigenarenbelasting voor woningen: degene die op 1 januari 2021 een onroerende zaak in bezit heeft, is belastingplichtig.
  • Eigenarenbelasting voor niet-woningen:degene die op 1 januari 2021 een onroerende zaak in bezit heeft, is belastingplichtig.
  • Gebruikersbelasting: degene die op 1 januari 2021 een onroerende zaak voor zakelijk of persoonlijk recht gebruikt, is belastingplichtig. Deze belasting geldt alleen nog voor het gebruik van niet-woningen.

De waarde van de onroerende zaak is gelijk aan de waarde zoals die is vastgesteld door middel van de waardebeschikking.